|
|
|
|
|
Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid is in 1997 onder de naam Nederlands Audiovisueel Archief ontstaan uit een fusie tussen de archieven van de publieke omroep, het Filmarchief van de Rijksvoorlichtingsdienst, het audiovisueel archief van de Stichting Film en Wetenschap en het Omroepmuseum. Beeld en Geluid verzamelt en conserveert audiovisueel erfgoed en stelt dit ter beschikking aan een zo groot mogelijke groep gebruikers, in het bijzonder aan het onderwijs. De collecties bestaan samen uit zo'n 650.000 uur beeld en geluid. Aan al deze collecties wordt dagelijks gewerkt. Films worden geconserveerd en video- en geluidsbanden worden overgezet naar nieuwe dragers.
Naast interessante audiocollecties beschikt Beeld en Geluid over honderden opdrachtfilms en bioscoopjournaals over en uit het voormalige Nederlands-Indië.
Selecties hieruit worden in 2005 opgenomen in een Nationale Audiovisuele Bronnenbank voor het basis- en voortgezet onderwijs. Vanaf 2006 zal het tevens deel uitmaken van de exposities in de nieuwe Beeld en Geluid-experience, gehuisvest in de Beeld- en Geluid-nieuwbouw op het Mediapark in Hilversum.
Radiocollectie Nederlands-Indië bij Beeld en Geluid
Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid bezit een zeer omvangrijk radio-archief waarin ook onze koloniale geschiedenis m.b.t. Indonesië op vele mondelinge documenten is vastgelegd.
Na 1933, toen het voor het eerst technisch mogelijk bleek om opnamen op de plaat vast te leggen, vond er direct een levendige programma-uitwisseling plaats tussen de Gordel van Smaragd en het vaderland.
Tal van akoestische voorbeelden zijn uit de vooroorlogse periode bewaard gebleven: geluidsfragmenten van de NIROM, de Nederlandsch-Indische Radio Omroep Maatschappij, die vanuit Batavia programmas uitzond, en van de PHOHI, de Philips Omroep Holland Indië, die vanuit Huizen een band legde met de rijksgenoten overzee.
Na de bevrijding, toen het militaire moreel weer een morele prikkel nodig had en Nederland werd meegesleept in de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd, vorderde de regering aparte zendtijd voor een Programma voor de Nederlandse Strijdkrachten. Het vaderland moest worden geïnformeerd; de troepen overzee geamuseerd. Prins Bernhard opende de uitzendingen waarin hij zei te hadden gehoopt dat ze slechts een vredelievende taak zou zijn toebedeeld.
Deze pijnlijke episode uit de Nederlandse geschiedenis zou tot op de dag van vandaag onderwerp worden van vele radiodocumentaires en interviews. Ze worden met zorg gearchiveerd.
Ook de authentieke Indische geluidscollectie groeit nog steeds. In 2000 schonk Philips Beeld en Geluid zijn PHOHI-archief. Maar ook particulieren weten de weg naar het instituut te vinden. Zoals iemand die nog een paar vuilniszakken vol platen in zijn schuur had liggen. Een ongemonteerd verslag van het vertrek van de laatste passagiersboot naar Nederlands-Indië voordat de oorlog uitbrak, bleek een van de topstukken. Het is opgenomen in de selectie voor Nederland in Beweging deel 2 over Indonesië en Nederland.
Indonesië in de geluidscollectie
Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid beheert de Etnomusicologische Collectie Beeld en Geluid. De geluidsopnamen van het Koninklijk Instituut voor de Tropen vormen hiervan een belangrijk deel. Deze collectie omvat een unieke verzameling veld- en concertopnamen, waarbij de muziek van de overzeese koloniën een belangrijk onderdeel vormt. Jaap Kunst, de grondlegger van de etnomusicologie, begon in de jaren 30 met het maken van wasrolopnamen in Nederlands Indië. De digitale kopiën hiervan maken onderdeel uit van de collectie. Op initiatief van Jaap Kunst maakten diverse Nederlanders veldopnamen in Indonesië. Vele opnamen zijn in de collectie terug te vinden, waarvan een aantal op CD zijn gedigitali-seerd. Deze zijn toegankelijk voor het publiek.
In de Etnomusicologische Collectie zijn verder nog ca.100 live-registraties met voornamelijk gamelanmu-ziek terug te vinden. De digitale kopieën hiervan zijn raadpleegbaar.
De handelsplatencollectie omvat in totaal ca. 400 opnamen. Op de 78-toerenplaten met Indonesische muziek uit de jaren 50 is zowel traditionele als lichte muziek te vinden. Op de langspeelplaten en CDs is voornamelijk gamelanmuziek te horen, maar ook is in deze collectie de lichte muziek vertegenwoordigd, zoals de krontjong.
|
|
|
|