Het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT) wil bijdragen aan duurzame ontwikkeling, armoedebestrijding, cultuurbehoud en uitwisseling, en wil in Nederland de interesse en steun hiervoor vergroten.
Het KIT doet onderzoek, verzorgt trainingen, en verleent advies- en informatiediensten. De ontwikkeling van praktisch toepasbare expertise bij beleidsontwikkeling en implementatie staat daarbij voorop. Het KIT beheert daarnaast cultureel erfgoed, organiseert tentoonstellingen en andere culturele evenementen, en heeft een forum- en ontmoetingsfunctie.
Het streven naar kennisvermeerdering en uitwisseling en begrip voor verschillende culturen is een belangrijk uitgangspunt voor het werk van het KIT.
Als not-for-profit organisatie werkt het KIT voor zowel de publieke als private sector, in nauwe samenwerking met partners in binnen- en buitenland."
KIT in het kort
Het KIT werkt samen met overheden, bedrijven en niet-gouvernementele organisaties in meer dan 60 landen en ontvangt meer dan 200.000 bezoekers per jaar. Het KIT stimuleert kennisontwikkeling en debat over internationale en interculturele samenwerking.
KIT Development Policy & Practice adviseert in internationale projecten op het gebied van gezondheidszorg, economische, sociale en institutionele ontwikkeling, en gender. Het KIT verzorgt op deze terreinen ook internationale cursussen.
KIT Biomedical Research doet gezondheidsonderzoek, ontwikkelt betaalbare diagnostische testen voor ziektes als malaria, lepra en tuberculose, en adviseert bij de opbouw van laboratoria in ontwikkelingslanden.
KIT Intercultural Management & Communication biedt geïntegreerde taal- en cultuurtrainingen voor Nederlanders die naar het buitenland gaan en voor buitenlanders die hier komen wonen en werken.
Het KIT Tropenmuseum is het grootste volkenkundig museum in Nederland en organiseert uiteenlopende tentoonstellingen die aansluiten op de eigen collectie.Tropenmuseum junior laat kinderen op interactieve en originele wijze kennismaken met andere culturen. Het Tropenmuseum ondersteunt ook de opbouw van musea in ontwikkelingslanden.
Het KIT Tropentheater is een toonaangevend internationaal podium voor wereldcultuur: muziek, dans, theater en film. Het Tropentheater biedt ook ruimte voor lezingen en debatten over deze en andere KIT-thema's.
De KIT Information & Library Services is een van de grootste bibliotheken in Europa voor internationale en ontwikkelingssamenwerking en beschikt bovendien over een unieke collectie documentair koloniaal erfgoed.
KIT Publishers publiceert boeken over kunst en cultuur, reizen, interculturele communicatie, en over ontwikkeling en beleid op de KIT-werkterreinen.
Informatie zoeken en vinden in het Kenniscentrum Tropenmuseum
In het KIT Tropenmuseum is het Kenniscentrum Tropenmuseum gevestigd. Je kunt hier informatie vinden over de tentoonstellingen in het Tropenmuseum, waaronder bijvoorbeeld over Oostwaarts, kunst cultuur en kolonialisme over het Nederlandse koloniaal verleden in Indonesië.
Het Kenniscentrum is een plek bij uitstek om achtergrond informatie te verzamelen bij je opdrachten over Nederland en Indonesië in de vorm van boeken, tijdschriften, en op een speciale internetsite van het Kenniscentrum.
De boeken kunnen worden geleend, en het is mogelijk om kopieën te maken en prints.
Ook kan je ons vanuit je huis bezoeken: http://kenniscentrum.tropenmuseum.nl Op onze website vind je weliswaar minder dan op de computers in het Kenniscentrum maar onder de kopjes: tentoonstellingen, en collectie is wel informatie te vinden over bijvoorbeeld objecten van de tentoonstelling.
Hoe wat waar?
Voor een bezoek aan het Kenniscentrum heb je een toegangsbewijs voor het Tropenmuseum nodig. Je kunt dan op vertoon van een legitimatiebewijs gratis boeken lenen.
Adresgegevens: zie boven
Openingstijden:
Dinsdag t/m vrijdag 10.00-16.45
Zondag 10.00-16.45.
Maandag en zaterdag gesloten
Bibliotheek van het KIT
De historische collectie van de KIT Bibliotheek is een brede collectie, gestoeld op de banden van Nederland met Oost- en West-Indië. Aanvankelijk, in de tijd van het in 1871 in Haarlem geopende Koloniaal Museum, was die collectie vooral bedoeld om het onderzoek naar Indische grondstoffen en producten te ondersteunen. Zo bevond zich in de handboekerij van Maurits Greshoff scheikundige, plantkundige en van 1901 tot zijn dood in 1909 directeur van het Koloniaal Museum het in het midden van de achttiende eeuw verschenen Amboinsch kruid-boek. Later in Amsterdam, waar in 1926 het Koloniaal Instituut zijn deuren opende, gaan ook de tropische hygiëne en de volkenkunde een belangrijke rol spelen. Van de hand van J.C. van Eerde, directeur van de afdeling Volkenkunde, verschenen al begin jaren 1920 de prachtbanden De volken van Nederlandsch Indië. In de collectie brochures en pamfletten komen allerlei koloniale kwesties aan de orde van cultuurstelsel en Atjeh-oorlog tot onafhankelijkheidsstrijd. In de collectie Indische bellettrie zijn veel van deze kwesties verbeeld. In 1950, na kort Indisch Instituut te hebben geheten, wordt het Koloniaal Instituut Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT). Ook nu nog wordt de historische collectie door schenkingen en aankopen aangevuld. Uiteraard wordt ook de hedendaagse literatuur over Indië en Indonesië verzameld.
De foto- en filmcollectie van het KIT Tropenmuseum
Vanaf de start van het Tropenmuseum (toen nog Koloniaal Museum, gevestigd in Haarlem) in 1871 namen fotos een belangrijke plaats in naast de collectie voorwerpen.
Fotos werden gezien als het middel bij uitstek om het Nederlandse publiek een beeld te geven van hoe het leven, werken en de natuur er in de koloniën werkelijk uitzag. Aan mensen in Nederlands Indie/Indonesië werd gevraagd om fotos af te staan aan het museum.
En zo groeide de collectie. Anno 2003 zijn er ca. 200.000 fotos, niet alleen van Indonesië maar ook, zij het minder in aantal van Suriname, de Antillen en van de plaatsen die men onderweg, per boot van Nederland naar Indie (vv) aan deed.
Alle facetten van een koloniale samenleving zijn aanwezig; de rijkdom van de plantage economie tot beelden uit het privé leven van Europeanen, visuele verslagen van expedities naar de binnenlanden van Nieuw Guinea tot de aanleg van spoorwegen, de bestrijding van pest en malaria en het leven aan het hof van de sultan van Yogjakarta.
De fotos worden gebruikt in tentoonstellingen, voor het onderwijs, om lezingen te houden en voor illustraties in boeken en tijdschriften.
Toen film binnen het bereik van (technische) mogelijkheden kwam, aarzelde het Koloniaal Museum niet lang om ook van dit nieuwe medium gebruik te maken. In 1911 werd voor het eerst opdracht gegeven om een film te maken in Indonesië. Nu zijn het de oudste bewegende beelden van Indonesië. In de jaren tot de Tweede Wereldoorlog werden regelmatig filmopdrachten verstrekt en/of films door het Koloniaal Museum aangekocht.
Het grootste deel van deze films is nu, om reden van conservering, in beheer van het Filmmuseum te Amsterdam.
|